Uitgelicht

Tegen de kou kun je je kleden…

Het was een zware werkweek, ik had een rustdag minder na de laatste spinningles en het was fris, zeg maar gerust koud. Koud genoeg om de sneeuw op de schaduwzijde van het Limburgse heuvelland te laten liggen. Maar tegen kou kun je je kleden. Desalniettemin had ik genoeg argumenten om die zware, verzuurde benen na zo’n 60 km voor mezelf te kunnen verklaren. 60 km, iets waar ik normaalgesproken mijn hand niet voor omdraai. Het begin van de rit met een lekke band na een paar km was misschien wel de voorbode geweest maar dat is makkelijk praten achteraf. Natuurlijk zijn de bijna 1000 hoogtemeters best aardig, zeg maar gerust pittig voor een half januari-rit maar ook die kan ik normaalgesproken best hebben. Hoe fijn is ’t dan om uit de mond van je beide fietsmaten te horen “valt niet mee, hé” en “ik begin ’t aan mijn benen te voelen”. Dat deed me dan toch besluiten om de rit op Strava de titel ‘Beetje fris maar wel lekker’ mee te geven!

Luxe problemen zijn ook problemen

Nu de keuze voor een nieuwe racefiets met de Cube Agree C:62 is gemaakt (het hoge woord is eruit, nu nog hopen op de afgesproken levertijd) doemt het volgende (luxe) probleem op. Hou ik mijn huidige fiets, Ridley Fenix SL30 als winterfiets of ga ik voor bijvoorbeeld een GravelRacer, Crossfiets of een ander alternatief.
Ik heb nooit eerder een tweede fiets gehad maar de laatste, milde (covid)winters, fiets ik gewoon door waardoor de fiets meer aan slijtage onderhevig is.
En om nogmaals te benadrukken, ik ben zelf geen mecanicien, alles behalve….en datvweegt zwaar mee!

Ik ben een 95% wegrijder (en dan vooral in het heuvelland) waarmee ik goed wegkom met de Ridley (6 jaar oud, 11 speed, 28-11, Ultegra) maar ik zou graag wat dikkere banden (dan 25mm) monteren en eventueel overstappen naar schijfremmen. En dat is puur een gevoelskwestie….heeft niets te maken met rolweerstand of wat dan ook. Met de velgremmen kan ik misschien wel nog 28mm rijden maar meer niet.
Voor de Ridley ga ik nu op MP waarschijnlijk een leuke prijs krijgen en toevoegen het budget waarmee ik best een aardige nieuwe of bijna nieuwe Gravel(racer) of een ander alternatief kan vinden.

Zoals gezegd een luxe probleem maar dat is ook een probleem

En om daar nog maar even op door te gaan..…kledingkeuze is in deze (bijna) voorjaarstijden ook zo’n ‘dingetje’. Vroeg vertrekken betekent vaak een koude start maar 3 uur later kan het best zweten zijn. Volgens mij is er geen enkele sport waarbij er zoveel verschillende kledingstukken en accessoires zijn. Een cap en mutsje voor onder de helm, een buff/sjaaltje voor je nek, armstukken of toch lange mouwen; een windstopper misschien, beenstukken of toch nog een lange broek. Duivelse dilemma’s, luxe problemen en dan hebben we het nog niet over het fenomeen overschoenen. Bij geen enkele sport zie je zoveel verkleedpartijen, soms tijdens de wedstrijd, soms zelfs al fietsend. Don’t try this yourself want dan zou het wel eens snel afgelopen kunnen zijn met deze luxe problemen.

Christopher!


Binnendoor of buitenom, deel 2

De titel van dit essay zal voor weinig wielerrecreactieven onder ons toelichting behoeven. Het is niet persé een vraag maar meer een keuze. Een keuze die vaak kort van te voren wordt gemaakt, last minute. Mar zelfs al doende kan deze keuze worden gemaakt.

Ik heb het natuurlijk over de beklimming van de enige echte Limburgsche hooglander ‘de Camerig‘. Een veel, misschien wel de meest populaire heuvel van Limburg. En dat is gezien z’n ligging, profiel en aanzien niet zo vreemd.

Je ziet ‘m vaak al van ruime afstand opdoemen, vanuit Eperheide en vanuit het Belgische Beusdael, met als herkenningspunten Camping Rozenhof en onmiskenbaar Restaurant Berglust. Het is een beklimming die, een beetje zich zelf respecterende wielerrecreactieveling, aan kan en mede dankzij de lengte en de haarspeldbochten voelt als een bijna echte Col, Passo of Hochalpstrasse. Daardoor is het ook onder de gemotoriseerde medeweggebruikers populair.

Het keuze-moment komt ter hoogte van het al genoemde Restaurant Berglust. Daar kan ik kiezen voor de eigenlijke en dus officiële beklimming via de Eperbaan richting Vaals, buiten-om, of voor de klim via de Groeneweg, richting Vijlen, dus binnendoor.

Dit keer valt de eer te beurt aan de ‘officiele’ beklimming, buiten om dus. Buiten om, betekent in dit geval dat we Restaurant Berglust én de bijbehorende traktatie van de geur en smaakpapillen, links laten liggen. We fietsen als het ware rechtdoor en in den beginne zelfs iets dalend. Dit is karakteristiek voor deze versie van de Camerig. Het gaat vanaf hier op en af maar wel meer op dan af, om uiteindelijk op het hoogste punt, op 280meter, op de Eperbaan uit te komen.

280 meter en dus niet gek dat we onderweg worden gewaarschuwd voor gladheid en zelfs worden gedreigd met een wegafsluiting bij sneeuw. Zover komt het in de praktijk maar zelden. De kans dat we moeten stoppen voor overstekend wild is groter. En in het seizoen moeten we ook alert zijn op schapen. Binnenkort te zien bij Boer zoekt Vrouw maar je kunt ze ook in levende lijve zien, tussen het struikgewas door, ter hoogte van het geruchtmakende gehucht Cottessen alwaar ze regelmatig worden ingezet bij teambuilding,- en groepsuitjes.

Aan de andere kant van de weg moet je niet vreemd opkijken wanneer er ogenschijnlijk uit het niets, mountainbikers uit de struiken te voorschijn komen. Niet alleen wij, racefietsers, maar ook de mountainbikers én gravelbikers weten de weg hier om nog maar te zwijgen van het motorisch verkeer. Met name in het voorjaar ligt de Camerig vaak op de route van menig georganiseerde rally, speur,- en puzzeltocht. En dan zijn er nog de (huur) ebike,- en scootertoeristen. Goed voor het financiële welzijn van deze regio maar voor de gezondheid van mens en milieu hebben wij, fietsers, een streepje voor.

Al met al verorberen we hier zo’n 4,5 kilometer en 175 hoogtemeters met aldus een gemiddeld stijgingspercentage van net geen 4% met een stijlste stuk van bijna 11%. En dat doen we met ruim 70.000 stravanten en dan meer dan 2 x per jaar. Wie er een wedstrijd van wil maken, heeft een paar kansen om weg te springen bij één van de venijnig hellende stukken. Mocht dat echter niet lukken en heb je nog wat over…na de laatste (haarspeld)bocht lijkt de finish nabij maar de weg loopt nog hier nog enkele honderden meters vervaarlijk, valsplat, door.

De KOM hier is in handen van Jetse Bol; een andere bekende WorldTour renner in de top 10 is Jay Hindley….zij doen er ca. 8 minuten over….dan doe ik het met 14 minuten en dus ruim binnen het dubbele niet slecht. Een schouderklopje voor mezelf, beter kan ik niet eindigen!

Christopher!

De benen moeten het doen

Een racefiets kopen is nog niet zo eenvoudig

Al vaker heb ik deze gevleugelde uitspraak als conclusie in een aantal van mijn Blogs getrokken een ook nu zou ik daar zomaar mee kunnen afsluiten, namelijk als slotconclusie van een wekenlange, misschien zelfs maandenlange zoektocht naar een nieuwe racefiets.

Niet dat ik perse een nieuwe fiets nodig heb maar na 6 jaar op mijn Ridley begint het dan toch te kriebelen, met name bij het zien van zoveel moois in de fietszaak en op internet.  En zoals dat bij meer zaken gaat…..als je eenmaal de eerste stap hebt gezet, volgt stap 2 vroeg of laat ook.

Getriggerd door het zien van een mooie, en een in mijn beleving betaalbare, fiets, ben ik de fietsmarkt opgegaan. In coronatijd is aanvankelijk ook hier Google je beste vriend en wordt al snel duidelijk dat er (veel) geduld gevraagd wordt. Kopen betekent niet meteen rijden. Levertijden van maanden of zelfs een jaar zijn, bij gebrek aan onderdelen (zoals wordt gezegd), meer regel dan uitzondering. Ik hoor mezelf zeggen, “niet dat ik verlegen zit, maar ik wil ook niet wachten tot december’ want dan heb ik een overig jarig model”….duh

Het kwam al even ter sprake…een betaalbare fiets. Dat is een begrip op zich want wat voor de één betaalbaar is, is voor de ander belachelijk veel geld. De prijskaartjes van fietsen zijn in coronatijd sowieso gestegen door de toegenomen vraag én het al eerder genoemde gebrek aan onderdelen. Hoe dan ook is het bepalen van budget, stap één in dit proces. Dat vind ik niet alleen maar ‘de kenners’ om me heen idem.

Stap twee is kijken wat je, binnen dat budget en binnen jouw ‘doel’ mooi vind en ja, dan zul je net zien dat die ene fiets daar net buiten valt. Doorsparen of concessies doen aan bijvoorbeeld afmontage, toch maar bij mechanisch schakelen blijven en meer van dat soort afwegingen maken. Het budget verhogen kan natuurlijk ook….je beleefd er veel plezier aan (‘hij hangt niet werkloos in de garage’) waarmee vele euri’s gerechtvaardigd worden, vooral door mezelf maar, niet geheel onbelangrijk, ook door de betrokken wederhelft.

En dan kom je, stap 3, terecht in iets wat je ‘keuzestress’ zou kunnen noemen maar vooral ook een luxe ‘probleem’ is. Het doel is een allround racefiets dus geen aerodynamische, lichtgewicht racer maar ook geen lichtgewicht klimfiets; tegenwoordig noemen ze dat een Endurance of Comfort racefiets. Je zou hier, vrij vertaalt, ‘makkelijker en zonder veel (rug)klachten langere tochten mee moeten kunnen fietsen. Ideaal zou je denken. Maar ieder merk heeft zo weer z’n eigen invulling gegeven aan Endurance/Comfort modellen. Zo is het verschil tussen tussen Endurance-Race-Aero bij een aantal merken heel herkenbaar en bij andere liggen de modellen juist weer heel dicht bij elkaar, wat betreft geometrie….want daar hebben we ’t dan blijkbaar over. Iets met stack, reach en spacers……Tot zover kan en wil ik het zelf nog volgen maar zoals al eerder gemeld, ben ik een fietser en geen mecanicien en dat weegt ook mee in mijn besluitvorming.

Gewicht van de fiets speelt voor mij niet echt een rol van betekenis; mocht gewicht wel een rol gaan spelen, zal ik daar zelf iets aan proberen te doen;) Ik heb eerder al de keuze gemaakt voor carbon en aangezien ik er niet op achteruit wil gaan, liefst vooruit, wordt het een carbonframe, met dit keer schijfremmen en weer Ultegra af-montage én volledig weggewerkte bekabeling want daar ben ik erg van gecharmeerd. Mocht elektronisch schakelen in het budget passen, zal ik dit niet nalaten maar dat is geen doel op zich.

Dat laatste wordt door SRAM,met name door hun Rival groep, overigens wel toegankelijker gemaakt maar ik hoef daarin niet perse de SRAM pioneer (binnen ons fietsclubje) te zijn. Hoe minder techniek, hoe beter. zeker voor een non-technicus als ik.

En met deze ‘filters’ kom je uiteindelijk tot een shortlist van een drie, vier, zelf vijftal fietsen. Daar vallen er ook snel weer 2, 3 vanaf gezien de beperkte voorraad / leveringstermijnen waardoor de uiteindelijke keuze wel makkelijker wordt gemaakt. Uiteindelijk heb ik het mezelf onnodig moeilijk gemaakt. Het was een soort van liefde op het eerste gezicht maar doordat ik niet meteen heb toegehapt, heb ik er wat meer moeite voor moeten doen én wat meer voor moeten betalen.

Ik blijk ambitieuzer te zijn dan ik dacht want de ‘ultieme’ endurance/comfort fiets, voelde voor mij té comfortabel of wel ik miste een beetje het racefiets gevoel en dat is doorslag gevend geweest. Maar ja, hoe je het ook uiteindelijk….moeten de benen het doen!

Christopher!

Binnendoor of buiten om? Deel 1.

De titel van dit essay zal voor weinig wielerrecreactieven onder ons toelichting behoeven. Het is niet persé een vraag maar meer een keuze. Een keuze die vaak kort van te voren wordt gemaakt, last minute. Mar zelfs al doende kan deze keuze worden gemaakt.

Ik heb het natuurlijk over de beklimming van de enige echte Limburgsche hooglander ‘de Camerig‘. Een veel, misschien wel de meest populaire heuvel van Limburg. En dat is gezien z’n ligging, profiel en aanzien niet zo vreemd.

Je ziet ‘m vaak al van ruime afstand opdoemen, vanuit Eperheide en vanuit het Belgische Beusdael, met als herkenningspunten Camping Rozenhof en onmiskenbaar Restaurant Berglust. Het is een beklimming die, een beetje zich zelf respecterende wielerrecreactieveling, aan kan en mede dankzij de lengte en de haarspeldbochten voelt als een bijna echte Col, Passo of Hochalpstrasse. Daardoor is het ook onder de gemotoriseerde medeweggebruikers populair.

Het keuze-moment komt ter hoogte van het al genoemde Restaurant Berglust. Daar kan ik kiezen voor de eigenlijke en dus officiele beklimming via de Eperbaan richting Vaals, buiten-om, of voor de klim via de Groeneweg, richting Vijlen, dus binnendoor.

Ik besluit vandaag om binnendoor te gaan. Dit keer is de keuze bepaald door tijd of beter gezegd het gebrek aan tijd om verder dan Vijlen te gaan. Deze klim is ongeveer 2,5 a 3km lang en heeft een gemiddeld stijgingspercentage van zo’n 4% met een uitschieter tot wel 11%. Dit zal ongetwijfeld vlak na de ‘start’ bij de al om bekende ijsboerderij zijn. Ruim 33.000 Stravanten gingen gemiddeld zo’n 4 keer hier omhoog. Mijn PR is doorgaans 2x de tijd van de KOM maar deze klim ligt me blijkbaar beter;)

Enfin, na het toch altijd weer wat tegenvallend zware begin, gebruik ik de ruime bocht naar links om even kort te herstellen en het mooie landschap tot me te nemen De passage langs Camping de Rozenhof is prima geschikt om in mijn ritme te komen. Het wegdek is hier goed en de rood/roze stroken asfalt zelfs heel goed. Hier ga ik steevast even uit het zadel en zet even aan. Het ritme kan ik vervolgens goed volhouden, zelfs met een tandje zwaarder, tot aan de splitsing. Ik ben dit keer alleen dus hoef ik op niemand te wachten………en niemand op mij;). Een kudoswaardige foto heb ik vast nog in mijn archief, dus kan ik door!

Door in het zelfde ritme want daar leent zich deze binnendoorroute prima voor. Na de, soort van haarspeldbocht naar links volgt een lang recht stuk door het bos. Halverwege dit rechte stuk wordt mijn reukorgaan dit keer getrakteerd op de geur van verse soep, afkomstig van het inmiddels 25meter lager gelegen Berglust. Kom je hier wat later op de dag dat is het de herkenbare frituurlucht die je probeert te verleiden.

Aan het eind van het rechte stuk volgt een echte haarspeldbocht die mij, als specialist, uhh liefhebber, aanspoort tot een versnelling. En die is vervolgens goed vast te houden, via de volgende bocht, tot boven. Nog even een stukje valsplat om me vervolgens te prepareren voor de afdaling naar Vijlen.

Deze binnendoor variant is één van mijn favorieten in het Limburgsche land en dat heeft niet met de verschillende geuren onderweg te maken maar wel met de paar haarspeldbochten, verfrissende en tegelijkertijd beschermende bebossing tegen de regen en tegen de warmte in de zomer en natuurlijk de langere maar mooi lopende klimmeters. Wil je hier de koers hard maken dan moet je niet wachten tot het keuzemoment.

Op naar deel 2!

Christopher!

Verrassend Toscane

Sinds een aantal jaren gaat de fiets mee op vakantie, zo ook dit jaar. En dan hebben we het over de racefiets in mijn geval. Een echte fietstrip heb ik al in juni gemaakt maar bij een vakantie van een week of langer gaat de fiets mee en dat is voor alle partijen beter, reken maar. Het is per slot van rekening niet zomaar je hobby. Conditie onderhouden, nieuwe omgeving verkennen (en eetgelegenheden spotten) en gewoon een welkome afwisseling van dagen met zon, zee en meer van hetzelfde. Niet dat er elke dag of elke twee dagen gefietst moet worden maar gewoon zoals het uitkomt.

De bestemming dit jaar was, na een lastminute corona-omboeking, Toscane. Standplaats Cecina, aan de kust.Het was niet de eerste keer Toscane maar wel de eerste meer mét fiets. En nu kennen we Toscane wanneer het om fietsen gaat natuurlijk van de gravelklassieker Strade Bianche…maar ik zoek het gewoon op de weg, in de nabije omgeving. En die omgeving heeft genoeg te bieden, zeker wanneer je van glooiende wegen en heuvels houd. Check!

Ik heb natuurlijk wat voorwerk gedaan, routes opgezocht en me wat ingelezen. Het komt niet allemaal van pas maar het heeft me wel, letterlijk, op weg geholpen. Garmin en Google Maps doet de rest. Van de route ben ik al snel afgeweken want dat had meer weg van een MTB route dan wat anders. Niet dat de wegen heel veel beter werden, van Belgische kwaliteit, zeg maar, maar in ieder geval geschikter voor de 25m bandjes!

Afgezien van de kwaliteit asfalt, die doorgaans matig/redelijk is én een paar mooie uitzonderingen kent, vielen er wel meer dingen op: de wielertoerist hier heeft doorgaans de Nederlandse nationaliteit. Dat zie je (halllooow Jumbo) en dat hoor je;). Zondag, fietsdag geldt ook voor de locals dus door de week is het veelal de grijze generatie die je passeert. En dat zeg ik niet om op te scheppen…ze fietsen duidelijk niet zoals ze praten en dus ook niet om een PR of een mooie gemiddelde snelheid te halen. Nee, het gaat veelal op het gemakje, vooral bergopwaarts.

De locale fietsers vormen overigens een zeer bont gezelschap op de Toscaanse wegen. Stuk voor stuk goed gesoigneerd, zoals je dat mag verwachten van Italiaanse mannen, maar wel erg kleurrijk. Soms lijkt het wel, hoe feller, hoe beter. Je kunt er van alles van vinden maar het ziet er strak uit.

Om in het fraaie achterland te komen zul je vaak wel eerst even een stuk(je) over de grote weg moeten en dan is zoveel mogelijk rechts houden het devies. Eenmaal op de verkeersluwe wegen heerst er rust en ben je één met de natuur. Naast de fluitende vogels en onbekend zenuwachtig geritsel in de struiken hoor je alleen je eigen ademhaling. De verkeersborden die waarschuwen voor overspringende herten, wel drie kilometer lang, staan hier overduidelijk niet voor niets! Het is soms oppassen maar de schuwe beestjes lijken getraind in het tijdig voorbij springen van fietsers.

Mooie lopers, venijnig steile stukken afgewisseld met fraaie tussenstukken op, zoals gezegd, asfalt van sterk wisselende kwaliteit maar met lauter mooie, soms indrukwekkende berg-landschappen die gekenmerkt worden door de velen wijnranken, olijfplantages, maremmen en cypressen. Riparbella, La Sassa en Salsetta passen mooi in deze omschrijving. En dan hebben we de bekendere en, volgens mij, nog fraaiere Chianti streek, de Apenijnen en de Strade Bianche route nog achter de hand. Misschien zijn de zomermaanden niet de meest ideale fietsmaanden want dan is het vooral vroeg uit de veren maar laat je ook eens verrassen in Toscane, zou ik zeggen!

Christopher!

11-28 en daar moet ik het maar mee doen

‘Ik ben fietser, geen mechanicien’, schreef ik al eerder….dus wanneer het gaat over meer dan alleen bandjes vervangen, haak ik meestal als eerste af. Zo ook wanneer het gaat over cassette, tandwielen of simpelweg verzetten. Verzet associeer ik bij voorbaat met iets anders dan fietsen al is het onder ons fietsers een regelmatig gebruikte term, vakjargon zeg maar. Onlangs, aan de vooravond van onze fietstrip naar de Dolomieten, laaide de discussie weer op. Hoewel van een echte discussie met mij als gesprekspartner eigenlijk geen sprake kan zijn.

Sinds de vorige fietstrip, in Bormio, aan de voet van de Stelvio, Gavia en Mortirolo, kan ik er een beetje over meepraten. Omdat het ook toen voor enkele fietskompanen een issue was, heb ik. meegeluisterd met de kenners en de wannabees. Daarna ben ik zowaar tandjes gaan tellen want dat is wat ’t is….kwestie van tandjes tellen. Sindsdien weet ik dat ik ‘een 11-28‘ rij, en daar moest ik het toen mee doen.

Ik ben meer van ‘de benen moeten het toch doen‘ of ik nu een groter of kleiner verzet trek en duw, op het vlakke, in het heuvelland of in het hooggebergte. Wanneer onze fietsmaten ‘van boven de rivieren’ voor een weekendje Limburgs heuvelland komen afzakken, hebben ze vaak het klim/bergverzet gemonteerd. Ik vind dat nogal wat, bijna indrukwekkend zelfs, want in zou zelf niet eens weten weten hoe. En dan hebben ze het meestal over 30 of 32 achter.

Naarmate de fietstrip naderde, hoorde ik dat vaker en werd ik meegetrokken in dit vraagstuk. Het trapt net even wat makkelijker, wat soepeler en wie wil dat nu niet. Ik probeer al klimmend altijd nog een tandje over te houden ‘ voor als het echt niet meer gaat’ en dat lukt me nog steeds heel aardig. Zo ook tijdens de recente Dolomietentrip. Maar ook ik word een dagje ouder en dat betekent niet per definitie dat het makkelijker gaat worden.

Misschien toch eens wat nadrukkelijk over nadenken en me erin gaan verdiepen? Maar wanneer dan de eerst volgende vraag gaat over de kooi, let wel, de verlengde kooi, ben ik je al kwijt en goed ook. Ik ben echt geen mechanieker en dat zal ik ook niet worden. Wie weet bij een volgende fiets dan maar gaan voor een 30’er of 32’er. Voor nu is het 11-28 en daar moet ik het maar mee doen!

Christopher!

De ene Kruisberg is de andere niet

Als we het over de Kruisberg hebben, denken velen onder ons, zeker de wat oudere generatie (wij dus) aan de weg die vanuit Meerssen parallel aan de A2 omhoog richting vliegveld MAA loopt. In de jaren negentig was dit vaak de scherprechter tijdens het NK wielrennen. Het waren, niet geheel verrassend, renners met klimmersbenen zoals Breukink, Rooks en Boogerd die zich daar konden onderscheiden en er met de winst van doorgingen. Deze Kruisberg is 1550 lang, kent een gemiddeld stijgingspercentage van 3,7% en is daarmee goed voor zo’n 58 hoogtemeters. Na een tochtje door het heuvelland is dit, op weg naar moeders de vrouw vaak de laatste klim van de dag en dan kan ook 3,7% best pijn doen.

Uit het recente verleden denken we, als we het over de Kruisberg hebben, meestal aan de beklimming vanuit Wahlwiller die vaak de nerveuze finale van de Amstel Gold Race inluidt. In de AGR is deze klim opgenomen in het parcours als opwarmer voor de Eyserboschweg en de Keutenberg die slechts enkele kilometers verderop liggen. Het is met zijn amper 700meter een korte maar steile klim. Het gemiddelde stijgingspercentage is 8,3 % maar het steilste stuk tikt meer dan 16% aan. Daarmee verdien je nagenoeg net zoveel hm’s als op de andere Kruisberg maar dat is dan ook echt de enige overeenkomst.

Onder de Stravanten is de laatstgenoemde, wellicht vanwege de AGR, ondanks zijn moeilijkheidsgraad, veel populairder dan de Meerssen-variant. Waar ruim 80.000 mannen en vrouwen vanuit Wahlwiller klimmen, zijn er dat vanuit Meerssen slechts zo’n 10.000. De KOM is in handen van locale helden Wessel Krul, respectievelijk Remco Snippe met tijden waarvan ik al lang niet meer droom, ook deze keer niet:

Ik heb de Limburgse Alpen achter me gelaten als ik afdaal vanuit Vijlen, richting Mechelen. De met hoogtemeters volgelopen benen kunnen hier even herstellen . Vervolgens, op de splitsing richting Partij-Gulpen, sla ik, na een kort moment van twijfel, rechtsaf naar Wahlwiller. De oplettende fietser ziet in de verte al de Botterweck opdoemen. Juist ja, Botterweck, want dat is de doopnaam van deze Kruisberg. Na wat draaien en keren door het dorp, kom ik op de weg die ik niet veel later zal vervloeken. Een korte aanloop waarbij ik het, in coronatijd troosteloos uitziende restaurant, links laten liggen en dan ‘mag’ ik los gaan. Nog even een blik naar voren, om snel weer het hoofd te buigen en de nodige tandjes kleiner te schakelen.

Het onlangs vernieuwde asfalt is een absolute meevaller maar dat doet niets af aan het stijgingspercentage. De voor mij fietsende…meer slalommende, mede-recreanten, werken motiverend op mij en dat heb ik ook wel nodig. Na een flauwe bocht rechts, even flauwe bocht links, zitten-staan-zitten en geen tandjes meer over, lijkt het erop dat ik het ergste heb gehad. Nog even de tegemoetkomende en lach-onderdrukkende wandelaars ontwijken en ik ben boven. 2.29 minuten afzien, in slechts vier zinnen samengevat.

De Botterweck-Kruisberg: We moeten hem elk seizoen gedaan hebben (toch?) maar zo vroeg in het seizoen is niet per definitie een aanrader, maar toch….

Christopher!

Tour de France 2020, de Cofid-19 Editie

(MET GRATIS TOURPOULE TIPS)

Op voorhand is deze TdF al memorabel dankzij Covid 19 en alle bijkomstigheden van dien maar het zou zomaar eens de boeiendste en spannendste TDF in jaren worden. Daar zat ik niet ver naast uiteindelijk. Pluspunt Het wordt een aug/september TDF dus zonder oververhitte supporters langs de weg. Minpunt, dat moge duidelijk zijn Enerzijds omdat ze worden geacht thuis te blijven, anderzijds omdat we richting herfst gaan. Jammer voor de Mediterraanse en Colombiaanse renners, plus(je) voor de laaglanders. Dus geen Quintana, Uran, Aru & co spelen. Dat was niet zo moeilijk te voorspellen én dat krijgt wellicht nog een staartje Pluspunt

Het wordt een Tour met strijd vanaf dag één want oh, wat hebben de renners hier naar uitgekeken en oh, we gaan niet eerst 6 etappes sprinten. Strijd om de eerste gele trui, strijd om ritzeges, punten en bollen. Strijd tussen Ineos en Jumbo met de grote vraag wie de lachende derde gaat worden. Pocajar dus o punten en niet Mollema, dat zou pas lachen zijn om van de kleurloze Buchman, Zakarin of  Porte maar te zwijgen. Sorry Porte, sterk gereden, sorry Zakarin iets minder sterk gereden….en dan druk ik me nog voorzichtig uit

Het wordt geen Tour voor de rassprinters dus wees zuinig hiermee in je Tourpoul voor zover er ze überhaupt zijn.Pluspuntje Het wordt ook geen finish in Parijs want dat is over drie weken in lockdown. ….was misschien wel een goede zeg geweest van de ASO, minpunt De voorlaatste dag wordt de laatste dag en dus vormt la Planche de Belles Filles het alles beslissende strijdtoneel Pluspunt+en wat voor één maar daarover later meer.

Hoe gaan de Franssen het doen zonder Quatorze Juliet in de tour. Het wordt weer nèt niet voor Pinot,nou, op het nippertje tenzij de ASO besluit om Jumbo, Ineos, Bora en Trek uit de tour de zetten i.v.m. cofidverdachte omstandigheden op het pasje van de pers-chef en op de patronen van assistent bandenoppompers bij deze teams. Alaphilippe lijkt de vorm nog niet te hebben, Bardet gaat volgend seizoen opbloeien bij SunWeb maar daar hebben ze nu niets aan,  Calmegane heeft zijn moment of fame al gehad en dus zeg ik let op Cavagne! aardige voorspelling al zeg ik het zelf, PluspuntDat is nog altijd meer dan ik verwacht van de Italianen en Spanjaarden. Speel die maar bij de Giro en Vuelta poule. Helaas voor Valverde, Landa en Formolo and friends. Check!

Tijdritspecialisten moeten het ook niet van deze tour hebben en de enige tijdrit die er is, is een heel bijzondere. Ik verheug me al op de discussie ‘fiets wisselen, of niet’. Pluspunt!Voor Tom D, maakt het niets uit. Die gaat daar het verschil maken en fietst daar alles en bijna iedereen naar huis om vervolgens, naar het scenario Lemond-Fignon in 1989 , met het kleinste verschil ooit, deze tour te gaan winnen! Chauvinisme afgestraft, minpunt-En dat wordt tijd, hoogste tijd ook met aanstormende maar dus ook nog fragile jonge (buitenlandse) talenten zoals Bernal, Evenepoel en Martinez op komst.

Het wordt een tour zonder Froome al zijn velen daar niet rouwig om maar een tour zonder Galibier, Ventoux en zonder L’Alpe dHuez, dat is een ander verhaal. Een tour zonder Herbert Dijkstra is te doen maar dan wel graag de Avondetappe mét rebus! Vive le Velo, Tourflits, tete de la course, la flamme Rouge, hors-categorie, waaier-etappe, goede moraal, Bauke, Tom, Wout want die mogen we deze hoogtij dagen bij de voornaam noemen én Parijs is nog ver,……meer Plus dan Minpunten heerlijk, ik kan niet wachten! Op naar de 2021 editie

Christopher!https://www.tourploeg.nl/n?g=2238&s=f6f9f6a8

Beste Eyserbosweg

Een beetje wielerliefhebber, actief dan wel passief, kent je goed, heel goed zelfs. Je bent, nee, was, jarenlang een van de scherprechters in de finale van de AmstelGoldRace. Die status ben je de laatste jaren weliswaar kwijtgeraakt maar de faam heb je nog steeds. Menig wielerrecreant wil jou, als een ware Michael Boogerd of Marianne Vos in zijn of of haar beste dagen, bedwingen.

Dat zien we duidelijk terug in de statistieken. Zo’n 200.000 keer werd je door zo’n 75.000 Stravanten beklommen; ter vergelijking… broertje/zusje, rechts van jou, de Eyserenweg (Grachtstraat) van Eys naar Trintelen moet het met minder dan de helft Stravastrijders doen. En dat terwijl jij met een gemiddelde stijging van 9% toch echt een stuk stijler en dus zwaarder bent. Met je lengte van 900meter, tegen de ruim 2000meter ben je dan wel weer aanzienlijk korter.

Als afdaler richting Eys ben je veel minder populair. Zo’n 15000 Stravanten hebben jou één of meerdere keren de rug toegekeerd. Van Trintelen naar Eys wordt dit aanzienlijk vaker gedaan. Vaak is dit dan ook de toe-rit naar jou. Je hebt niet de meest centrale ligging in het heuvelland. Om bij jou te komen, hebben we vaak al wat kilometers een ook hoogtemeters gehad; vanuit Wittem, dan wel vanuit Voerendaal of vanuit Simpelveld. Dat maakt je misschien nog wel wat zwaarder. Wilko Kelderman heeft jouw KOM achter zijn naam staan met een tijd van 2.19min, wat neer komt op een gemiddelde snelheid van 24,5km. Bij de dames is Roxanne Kneteman nog altijd de QOM. Daar steekt mijn PR schril tegen af.

Daar gaan we dan, beste Eyserbosweg…. als we eenmaal de bocht om zijn gedraaid, strooi je ons eerst nog even wat zand in de ogen. De eerste meters zijn, nog tussen de huizen, helemaal nog niet zo stijl. Daar halen we de 24,5 ook nog wel even, heel even; maar als snel gaat het daarna een tandje lichter….en nog één en nog één. De weg is mooi geasfalteerd en dat is een pluspunt; nadeel is echter de nagenoeg rechte weg. Je ziet wat komen gaat en dat is een steeds meer hellende weg. En dat stukje wat je nog niet prijs geeft, na de flauwe bocht links en daarna naar rechts draaiend, is in één woord: afzien. Dat is net voorbij die ene boom, rechts van de weg….een fraaie wilg, die voor velen het ijkpunt is. Vanaf daar is het tandjes terug en zwoegen, harken, staan/zitten, staan/zitten door jouw eigen stukje bos. De stijgingspercentages gaan daar dik in de dubbele cijfers tot zelfs 20+. Een sprintje richting de getrokken lijn even verderop zit er helaas niet in voor mij maar jouw laatste tientallen meters, richting het plateau voelen als een verlichting ook al loopt de weg nog steeds omhoog.

Beste Eyserbosweg, voor mij ben je er eentje uit de categorie: je moet ‘m elk jaar een keer gedaan hebben en daarmee sta je op een lijstje met o.a. de Keutenberg, Brakkeberg en de Dodemansweg. Een illuster rijtje. Als wandelaar zie je soms pas hoe stijl je echt bent en dat heb ik ook zelf zo ervaren. Maar onlangs heb ik je weer bedwongen en dat voelt achteraf altijd goed!

Tot de volgende keer, beste Eyserbosweg!

Christopher!

Welkom aan de coronafietsers #hou vol#


Wat doe je in coronatijden? Tijden waarin zoveel mogelijk thuis blijven, thuis werken en social distance het devies is. En waarin gedurende lange periode alleen wandelen en alleen individueel sporten, buiten is toegestaan?

Dan ga je met je hond wandelen! En heb er nog geen dan koop of leen je een hond. Òf
Je gaat fietsen. En heb je geen fiets dan koop je er één of leen je er één. Een sportoutfit heb je nog wel liggen, al is een fietstenue wel zo handig, zeker op zo’n hard zadel.

We zijn geen binnen-mensen, we zijn buiten-mensen en als fietsen daarvoor de sleutel is dan gooien we alle principes en vooroordelen over boord. Zelfs hen die de fietsers doorgaans liever van de weg zouden willen dúwen, gaan overstag.

En daar gaan ze met z’n allen…Herkenbaar aan de geleende én dus te kleine en soms pijnlijk te grote fiets of, de andere categorie: ‘ik laat me niet kennen en koop me meteen een flitsende Giant, Trek of Bianchi. Klikpedalen…wat zijn dat? Nee, ik heb nog sportschoenen, die zijn ook goed…óf….ja zeker….als we het doen dan doen we het goed, met alle gevolgen van dien!

Zo’n strak, gestroomlijnd, niets verhullend pakje gaat te ver voor de meesten en dus zien we ze gaan met wapperende mouwen en meer dan dat. Retroshirts zijn populair, waarschijnlijk omdat ze nog ergens in de kast lagen en anders is het vooral de merchandise van Team Lotto-Jumbo en Team Ineos wat goede zaken doet, deze dagen.

Oh ja, een helm...is dat verplicht? Die van zoonlief past vast wel en anders leen ik er wel eentje. Misschien ligt er bij de Lidl nog wat in de nonfood-bakken en anders biedt Marktplaats wel uitkomst…ook al is ie wat groot of scheef…. het gaat om het idee.

Zie ze gaan….beentjes mooi uit elkaar, trotse houding, zonnebrilletje op de neus en trappen met die nog wat bleke, ongeschoren, beentjes!

Omdat niet-noodzakelijk reizen niet is toegestaan, gaan ze eerst een rondje om de kerk maar zodra de burgervaders het heuvelland voor ons open maken, gaan ze met z’n allen naar het Limburgse heuvelland. Als we het doen, doen we het goed. En zie ze zwoegen, zweten en afzien, zeker met het mooie warme weer.

Maar nu komt het er op aan! De zomer doet even een stapje terug maar wielrenners niet. Zijn coronafietsers, mooi-weer-fietsers of hebben we er echte liefhebbers bij. We gaan het zien! Hou vol!!!

Christopher!